5 – Geweld en verantwoordelijkheid

We beginnen allemaal ons leven in onschuld. Een pasgeboren baby roept een diep gevoel van ontroering, vertedering en beschermingsdrang op. Tot een peuter een jaar of drie is behoudt het deze onschuld en natuurlijke onschendbaarheid binnen de groep, tot het moment dat de identificatie met het ‘ik’ een feit is. Vanaf dat moment doet de vrije wil haar intrede: het kind is slim genoeg geworden om keuzes te maken. Daarmee begint de ontwikkeling van het geweten, alsmede het ingewikkelde proces van leren wat stout en lief is, wat beloond wordt en wat gestraft wordt en wat de consequenties zijn van het zich steeds uitbreidende spectrum van mogelijkheden, keuzes, verleidingen en bedreigingen.

 
Het abstracte vraagstuk: ‘Wat is goed en wat is kwaad’ houdt de mens al eeuwen bezig. Een belangrijke motivatie om het antwoord hierop zo ingewikkeld mogelijk te maken is de wens om kwaad te doen en dat te rechtvaardigen. Grappig is dat we desondanks allemaal exact weten wat goed is en wat kwaad is – het is één van de best ontwikkelde eigenschappen van het continuüm. Ons lichaam heeft een uiterst fijngevoelige en directe intuïtie. Het weet onmiddellijk of iets goed of slecht is, of iemand te vertrouwen is of niet, of iets klopt of niet. Dat is ‘gut-feeling’: de intelligentie van het lichaam, zo verfijnd dat noch het intellect noch enig wet- of heilig boek daar aan kan tippen.
 
‘Goed’ zou je kunnen definiëren als: ‘Dat wat bijdraagt aan het behoud en het welzijn van mij en mijn groep.’ ‘Slecht’ zou je kunnen definiëren als: ‘Dat wat bijdraagt aan het aanrichten van schade aan mij en mijn groep.’ Als intelligent wezen worden we voortdurend voor de keus gesteld om ons goed of slecht te gedragen. Het is de manier waarop ons onderscheidingsvermogen wordt getraind en waaraan we ons bewustzijn slijpen. We komen overal verleiding tegen. We kennen allemaal het moment dat ons lichaam duidelijk aangeeft dat we op het punt staan iets verkeerd te doen, maar we het toch doen. ‘Tegen beter weten in handelen’ noemde Alexander Smit[1] dat. Zwetend, blozend of trillend stelen we een koekje, doen we mee met het pesten van een klasgenootje, liegen we tegen onze ouders, lichten we een vriend op of veinzen we symphatie tegenover de baas. Het is altijd onmiskenbaar en fysiek bijzonder onaangenaam om zoiets te doen, maar vaak staat er de bevrediging van iets anders tegenover, waardoor we bereid zijn het te doen. Nadien lijden we onder de schuld en de schaamte die het gevolg zijn van onze verkeerde keuze. Het laat ons niet los, het continuüm in ons zendt krachtige corrigerende signalen uit, soms zo dwingend dat we pas weer tot rust komen wanneer we bekend hebben of wanneer we de aangerichte schade hebben hersteld.
 
Naarmate we ouder worden en langzaam maar zeker het contact met ons fysieke lichaam verslapt wordt ook dit aangeboren gevoel van rechtvaardigheid steeds minder. Inplaats daarvan ontwikkelen we een intellectueel rechtvaardigheidssysteem dat gebaseerd is op onze pogingen te navigeren in een onnatuurlijke samenleving waar tegenstrijdige regels, principes en waarden de norm zijn. Dit intellectuele rechtvaardigheidsysteem sluit niet altijd aan bij ons natuurlijke weten wat deugt en wat niet deugt.
 
Bij iedere religie bestaat het idee van een alwetende God, kracht of macht die het absolute onderscheid kent tussen goed en kwaad en op grond daarvan de mens beoordeelt, ondersteunt, inspireert of zelfs straft. Dit idee is direct verbonden met onze kennendheid van het continuüm, die instinctieve wijsheid en natuurlijkheid waar we deel van uitmaken. Het continuüm ís God, in die zin dat niets de verfijning, de selectiviteit en de juistheid van het beoordelingsvermogen van het continuüm overtreft. De bijbel, de koran en veel andere boeken die een meer of minder geslaagde poging doen te beschrijven hoe je moet leven, zijn een resonantie van de stem van het continuüm. Deze stem is overstemd door beschaving, maar nog steeds aanwezig in ieder van ons.
 
Iedere samenleving heeft een meer of minder ingewikkeld systeem van regels en voorschriften. Bij goed functionerende groepen zijn de regels afgestemd op het continuüm en worden ze door iedereen ervaren als logisch en rechtvaardig. De regels volgen is goed, de regels niet volgen is slecht. Ons rechtssysteem is helaas mijlenver verwijderd van enige logica of rechtvaardigheid. Dit leidt soms tot lachwekkende situaties, zoals horden fietsers die voor een rood stoplicht wachten terwijl er geen verkeer is, of hilarische films als Beverly Hills Cop, waar het corrupte rechtssysteem op de hak genomen wordt. Maar vaker leidt het tot bijzonder schrijnende situaties waar onschuldige mensen veroordeeld worden en waar echte misdadigers vrij spel hebben. Ons huidige rechssysteem roept bij ieder groepslid met nog een beetje gevoel in zijn lijf diepe schaamte en woede op. Onze regels zijn niet langer gebaseerd op het behoud en welzijn van de groep, maar dragen bij aan enorme schade aan vrijwel ieder individu van de groep alsmede de omgeving waarin ze leeft.
 
Binnen een groep waar de regels nog steeds gebaseerd zijn op de rechtvaardigheid van het continuüm vindt de correctie van het individu plaats zonder aarzeling, twijfel of advocaat. Ze is direct, scherp, rechtvaardig, duidelijk en waar nodig meedogenloos. Zo is het uitgesloten dat een sterkere een zwakkere in de groep systematisch beschadigt, omdat bij het eerste incident onmiddellijk ingegrepen zou worden. De hele groep zou zich verantwoordelijk voelen voor het gedrag van hun clangenoot en om die reden ingrijpen. De leiders van de groep, de mannen en vrouwen met de meeste wijsheid, kracht en levenservaring zou het individu in kwestie apart nemen en al naar gelang de ernst van zijn misdrijf op milde danwel harde wijze corrigeren.
 
Wanneer dit individu opgegroeid is in een samenleving waar het vanzelfsprekende respect voor de groep en het individu, alsmede het waarborgen van het welbevinden daarvan, het fundament van de samenleving is, zal het niet zo moeilijk zijn deze persoon te corrigeren. Wanneer deze persoon echter opgegroeid is met een geboortetrauma, bij ouders die onwetend waren over wat hij nodig had en in een maatschappij die vanaf het begin het onmogelijke van hem eiste, zal het erg moeilijk zijn deze persoon te corrigeren, met name omdat hij niemand als zo dichtbij of zo betrouwbaar zal ervaren dat hij van hem of haar enige correctie zal aannemen.
 
Dit is de keerzijde van individualisme: het gebrek aan bereidheid en het onvermogen te luisteren naar je meerdere, autoriteit te aanvaarden, macht te erkennen en ervan te leren.
 
Geweld
 
Geweld heeft iets uitermate fascinerend. Wanneer op het schoolplein twee kinderen aan het vechten slaan vormt zich altijd een juichende kring eromheen die ze aanmoedigt. We voelen ons allemaal aangetrokken tot geweld, soms in passieve, soms in actieve zin. Het is adembenemend om twee mensen te zien vechten en nog adembenemender om hele groepen tegelijk te zien vechten. Lichamelijk geweld is zowel opwindend als angstaanjagend en om die reden zoeken we naar manieren om het geweld zo dicht mogelijk te kunnen benaderen met een zo klein mogelijk risico om zelf beschadigd te raken. Films lenen zich uitermate hiervoor. We smullen van oorlogsfilms, films met bloed, ontploffingen, afgerukte lichaamsdelen en hele volksstammen die elkaar te lijf gaan. Lord of the Ring, Kill Bill, Inglourious Basterds, het zijn films die een diepe behoefte in ons bevredigen. Quentin Tarantino is op dit moment de meester van het geweld op het witte doek.
 
Sport is ook een relatief veilige manier om geweld van dichtbij te kunnen ervaren zonder werkelijk gevaar te lopen. Duizenden mensen doorlopen op zondagmiddag het ritueel van het bijwonen van de strijd van hun favoriete club tegen de vijand en kunnen op die manier lucht geven aan hun agressie. Scheldpartijen en vechtpartijen tussen rivalen maken onderdeel uit van dit ritueel, maar omdat dit ingecalculeerd is en bewaakt wordt door bewapende politie is de strijd vaak niet meer dan een spel, genoeg om bevredigend te zijn, maar niet echt gevaarlijk.
 
We zijn ook gek op seksueel geweld. We smullen van berichten over verkrachters, pedofielen en andere perverselingen. Ieder incident wordt door de media breed uitgemeten, omdat het de kijkcijfers omhoog doet schieten. We raken niet uitgepraat over wat er nou precies gebeurd is en hoe slecht we die mensen wel niet vinden. ‘Hoeveel jaar had hij zijn dochter opgesloten in die kelder? Hoeveel kinderen had hij bij haar gemaakt? Vreselijk!’
Op TV kun je iedere dag kijken naar films, series, detectives en soaps waarbij seksueel geweld in al haar verschijningsvormen en tot in detail getoond wordt, inclusief foto’s van het gemartelde, verkrachtte en verminkte lijk.
 
Hoe kan dit? Waarom worden we zo aangetrokken tot geweld, terwijl we het tegelijkertijd afkeuren en vrezen?
 
Geweld is in haar meest pure vorm een uiting van kracht en macht. Voordat onze samenleving zichzelf zodanig organiseerde dat geweld onder de oppervlakte van beschaving verborgen werd, was openlijk geweld één van de meest effectieve manieren om de harmonie en veiligheid binnen de groep te handhaven. Bij apen en andere zoogdieren die in groepen leven is dat nog steeds heel zichtbaar. Wanneer een groepslid voor zijn beurt eet en om die reden meer voedsel tot zich neemt dan hem toekwam, kan hij rekenen op een grauw, een beet, een klap of een regelrechte aanval van één van zijn groepsgenoten om hem zijn plek te wijzen. Wanneer een mannetje een poging doet seks te hebben met een vrouwtje die hem niet toekomt, wordt hij onmiddellijk terechtgewezen door zijn meerdere. Wanneer één van de sterkeren zijn positie misbruikt uit eigenbelang wordt dit onmiddellijk beantwoordt met confrontatie, uitbanning of zelfs de dood.
 
Geweld is een kracht die in haar oorspronkelijke vorm bijdraagt aan de rechtvaardige handhaving van regels en het oplossen van conflicten. Geweld wordt daarom vaak verwelkomd met luidruchtige uitingen van instemming, vreugde, participatie en opwinding. Het geweld waarborgt de harmonie in de groep, de handhaving van de regels en daarmee het voortbestaan van de groep of de samenleving zelf, inclusief al haar leden. 
 
Natuurlijk geweld gaat gepaard met rechtvaardigheid, moed, verantwoordelijkheid en de bereidheid van het individu risico te lopen om het voortbestaan van de groep te waarborgen. Deze moedige mannen en vrouwen, die met het vertoon van hun macht en kracht zich inzetten voor de groep en bereid zijn het risico te nemen de overtreders van de regels te confronteren zijn onze helden. Niet alleen omdat ze door dit machtsvertoon laten zien hoe sterk ze zijn, maar ook omdat ze door hun actie laten zien dat ze alert en betrokken zijn, dat ze onderscheidingsvermogen hebben en dat ze bereid zijn verantwoordelijkheid te nemen voor de groep. Dit in tegenstelling tot de overtreder, die weliswaar ook een daad van agressie tentoonspreidt, maar die in tegenstelling tot onze held de groep daarmee juist in gevaar brengt.
 
Geweld verbonden met rechtvaardigheid is een mannelijke kracht van grote schoonheid, onze leiders waardig. Mannen en vrouwen die in staat zijn om op het juiste moment en in de juiste situatie gewelddadig op te treden wonnen zijn geboren leiders. Hoe ver zijn we in onze huidige samenleving afgedwaald van waarachtige macht en verantwoordelijkheid. Bij ons wordt macht verward met de vrijheid om zoveel schade aan te richten als je wilt zonder dat het consequenties heeft. Bij ons betekent macht dat je geen verantwoordelijkheid hoeft te nemen voor je daden, terwijl ware macht betekent dat je verantwoordelijkheid voor je medemens steeds groter wordt.
 
Het is het verlangen naar zinvol geweld dat maakt dat we ons aangetrokken voelen tot geweld in het algemeen. Dankzij geweld, toegepast op de juiste plaats en op het juiste moment voelen we ons veilig en weten we ons beschermd. Het spelen, stoeien en vechten van kinderen is een oefening in het leren hanteren van deze oerbehoefte. Het gaat pas fout wanneer natuurlijk geweld vervangen wordt door geweld dat andere belangen dient dan het algemene belang van de groep.
 
Nu ons intellect ons instinct voor het grootste gedeelte geclaimd heeft en we niet langer in staat zijn op grond van de signalen van ons lichaam te beoordelen wat zinvol en wat zinloos geweld is, maar op straffe van opsluiting en isolatie gedwongen worden ons te voegen tot een rechtssysteem dat gevaarlijk en beschadigend is omdat het mijlenver verwijderd is van enige natuurlijkheid, raken we steeds meer verward over het fenomeen geweld zelf. Jezus zei: ‘Als iemand je op de ene wang slaat, keer hem de andere toe’, maar gelukkig had hij wel de ballen om de handelaren uit de tempel te slaan. Zo toonde hij de bereidheid om wanneer het nodig was te vechten voor wat van echte waarde was en daarmee toonde hij zijn leiderschap. Gandhi bevrijdde India middels zijn geweldloze verzet, iets dat een heel volk inspireerde, maar je kunt je vraagtekens zetten bij de hoeveelheid mensen die sneuvelden door het gewelddadige verzet dat zijn geweldloze verzet opriep.
 
Geweld is eigen aan de mens. Het streven naar geweldloosheid is nobel, maar roept vaak nog meer geweld op. Net als seksuele energie laat geweld zich ook niet onderdrukken. De enige manier om met geweld om te gaan is haar een plek te geven.
 
Er zijn dus duidelijk twee soorten geweld: zinvol geweld dat het behoud en het welbevinden van de clan en al haar clanleden waarborgt en verbetert, en zinloos geweld dat zowel de clan als haar leden in gevaar brengt. Uitingen van gedoseerd en goed getimed geweld worden beloond binnen een groep die nog steeds volgens natuurlijke maatstaven leeft, terwijl uitingen van destructief en zinloos geweld door diezelfde groep worden bestraft. Om die reden staan wij nog steeds een beetje naïef tegenover geweld. Wanneer een individu met veel machtsvertoon en geweld zich een leidende positie binnen de groep toeëigent lijkt dat zoveel op wat wij op onbewust niveau nog steeds herkennen als een echte leider dat we haast als vanzelf in volgzame burgers veranderen.
‘Hij zal het wel verdiend hebben’, denken we, ‘anders had toch wel iemand ingegrepen.’
Het continuüm heeft geen antwoord op de valse macht die individuen tegenwoordig afdwingen door een oneigenlijk vertoon van kracht door middel van wapens en geld. Tegenwoordig creëeren we onze eigen vijanden: we leveren ze wapens en beginnen vervolgens een oorlog tegen ze, zodat we het recht verwerven hun rijkdommen te stelen. Van enige rechtvaardigheid is hier allang geen sprake meer, maar toch betalen we allemaal mee aan dit zinloze geweld.
 
De grens tussen zinvol en zinloos geweld is haarscherp – er is geen grijs gebied, net zo min als en een grijs gebied is tussen leven en dood, tussen zwanger en niet zwanger, tussen vooruit of achteruit. Ookal zijn er qua uitingsvorm veel overeenkomsten tussen zinvol en zinloos gedrag: schreeuwen, vechten, dreigen, slaan, bijten etcetera, het één rechtvaardigt op geen enkele manier het ander. Dat is waarom we genieten van politieseries, crimes en detectives: het zinloze geweld wordt aangepakt door mannen en vrouwen die de intelligentie, het onderscheidingsvermogen en de moed hebben om de slechterikken aan te pakken.
 
Seksueel geweld
 
Geweld heeft ook seksueel gezien een aantrekkelijke dimensie, omdat het appeleert aan intelligente, mannelijke kracht en autoriteit die ons bescherming en leiding kan bieden als dat nodig is. In het spel van aantrekken en afstoten, verleiden en plagen bij geliefden speelt ook geweld een rol. De man demonstreert zijn doortastendheid, kracht en mannelijkheid door gedoseerde uitingen van initiatief en doortastendheid die de vrouw zowel uitdaagt als afwijst. Zo test ze of hij qua kracht haar aankan en of hij in staat is zijn gewelddadigheid te beheersen. Demonstreert hij dit naar behoren in de manier waarop hij op haar onvoorspelbare en uitdagende gedrag reageert neemt zijn aantrekkelijkheid toe. Wanneer hij echter te volgzaam of afwachtend is of juist té doortastend boet hij aan aantrekkelijkheid in en geeft ze zich niet over.
 
Het vieren van de verschillen en het respecteren van de gelijkwaardigheid tussen mannen en vrouwen is in veel culturen verloren gegaan. Ooit werd deze wereld bestuurd door wijze vrouwen: het matriarchaat, een naar verluidt vreedzame wereld die later overgenomen werd door mannen die het patriarchaat installeerden. Vanuit het patriarchaat werden vrouwen en vrouwelijke waarden een mindere positie toegekend en werd vrouwen hun macht en vrijheid ontnomen. Tussen 1300 en 1700 werden in Europa twintig miljoen vrouwen verbrand en vermoord als heks, waarbij ze beschuldigd werden van ‘omgang met de duivel’.
 
Seksueel misbruik van vrouwen was en is voor veel mannen een manier om hun macht over vrouwen af te dwingen. Dat dit een uiterst onnatuurlijke, verwrongen en destructieve vorm van macht en geweld is behoeft geen verder betoog. Het heeft geleid tot een collectief wantrouwen ten aanzien van de man dat zich ook in onze persoonlijke relaties manifesteert. Iedere vrouw draagt de collectieve pijn en woede in zich ten aanzien van het systematisch onderdrukken en kleineren van vrouwen in het algemeen, zelfs wanneer het haar persoonlijk niet is overkomen. Iedere man zal deze pijn en woede op een gegeven moment tegenkomen in zijn vrouw, zelfs wanneer hij de meest vredelievende en respectvolle man op aarde is.
 
We zijn allemaal uitdrukking van de cultuur en geschiedenis waar we deel van uitmaken. De confrontatie met collectieve patronen maakt overmijdelijk deel uit van onze relaties. We kunnen bewustzijn op dit punt ontwikkelen en op die manier bijdragen aan het veranderen en verlichten van de pijn die hiermee gepaard gaat, waarbij we niet alleen onze samenleving een dienst bewijzen maar ook onszelf. Hoe we dat kunnen doen komt verderop in dit boek aan de orde.


[1] Alexander Smit, Advaita Vedanta leraar
Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s