4 – Sensualiteit

Je zou de geboorte als baby de geboorte van sensualiteit kunnen noemen en de geboorte als puber de geboorte van seksualiteit. Het is belangrijk dit onderscheid aan te brengen, omdat het nogal eens verward wordt.

Een baby is één en al sensualiteit. Een baby-lichaampje is rond en romig, ruikt heerlijk, ziet er prachtig uit en roept in vrijwel ieder mens vertedering op. De baby zelf, als het in goede doen is, is een toonbeeld van verrukking en openheid. Alle indrukken die ze binnen het kader van haar natuurlijke instincten kan verwelkomen worden ervaren met groots genot, met onvoorstelbaar plezier. Dat is sensualiteit.

Seksualiteit lijkt op sensualiteit, maar is in zekere zin intenser en gerichter. Het centrum van het genot zijn de geslachtsorganen en niet alle zintuigen, zoals bij een baby. Je zou seksualiteit de volwassenwording van de sensualiteit kunnen noemen, waarbij ook de natuur gediend wordt, want seksualiteit, aantrekkelijk gemaakt door de sensualiteit ervan, leidt tot voortplanting en voortbestaan van de soort. Sensualiteit zou je het vermogen om te genieten van het lichaam en alle zintuigen kunnen noemen, alsmede het vermogen om daar spontaan uitdrukking aan te geven. Seksualiteit is dat wat richting geeft aan sensualiteit.

De weg naar een volwassen seksualiteit gaat via sensualiteit. De mate waarin iemand zijn of haar sensualiteit heeft kunnen behouden is bepalend voor hoe iemand later zijn seksualiteit zal ontwikkelen. Het is niet zo dat sensualiteit overbodig wordt als je je seksualiteit ontwikkelt. Integendeel, sensualiteit en seksualiteit zijn met elkaar verbonden als de zon en de maan, ze hebben elkaar nodig en ze voeden elkaar, ze wisselen elkaar af en maken de genotsbeleving van een volwassen mens compleet. Middels het één kom je tot het ander.

Als mens maken we bepaalde fases door die gekenmerkt worden door verschillende behoeftes. Als je een bepaalde fase niet afrondt omdat de behoeftes die je daar had niet bevredigd werden, kun je niet door naar de volgende fase. Zo kom je via de basale behoeftes veiligheid, koestering, aanraking en sabbelen tot een gezonde ontwikkeling van je sensualiteit, en via je sensualiteit kun je je ontwikkelen tot een volwassen man of vrouw met een gezonde seksualiteit. Dat is de theorie. In werkelijkheid zijn we allemaal voortdurend in regressie om onze ontbeerde behoeftes alsnog in te vullen.

Sommige ouders schamen zich voor de naaktheid en sensualiteit van hun kind en zullen hun best de intieme delen zo weinig mogelijk aan te raken. Als ze een luier verschonen doen ze dat op een onhandige of afstandelijke manier, die voor de baby erg onprettig is. Sommige ouders hebben koude handen en nemen niet de moeite ze te warmen voor ze hun baby aanraken. Er zijn ook ouders die een vies gezicht trekken als ze een luier verschonen. Dan zijn er ouders die het zo druk hebben dat ze de verzorging van hun baby uitbesteden aan vreemden, waardoor je aangeraakt wordt alsof je een big op de lopende band bent. En dan zijn er volwassenen, ouders en verzorgers, die hun seksuele gevoelens niet beheren en opgewonden raken van de geslachtsdelen van een baby en daar zelfs seksuele handelingen aan verbinden. In al deze gevallen zal de baby het gevoel dat er iets mis is overnemen en meenemen in haar latere leven.

Deze periode van totale afhankelijkheid van je ouders, van gewassen en verzorgd worden door anderen, is bepalend voor hoe je je lichaam en fysiek contact met anderen de rest van je leven zult ervaren. Vaak zijn er bepaalde conclusies verbonden aan deze ervaringen, zoals: ‘Ik ben alleen’, ‘Ik krijg niet wat ik nodig heb’, ‘Ik ben niet veilig’, ‘Ik ben vies’, ‘Het leven is koud’ en ga zo nog maar even door. Het verlangen naar aanraking zal echter nooit sterven, hoogstens diep in je onbewuste verdwijnen, waar het blijft hunkeren en op allerlei onbewuste manier zal pogen alsnog te krijgen waar het zo diep naar verlangt.

Na je tweede, derde jaar, wanneer je eenmaal zindelijk bent, worden je geslachtsdelen niet meer aangeraakt door anderen. Je bent zelf nog steeds één en al sensatiezucht in de letterlijke betekenis van het woord: de sensoren van je lichaam, van al je zintuigen, hunkeren naar input, naar sensatie, zijn begerig naar het leven. Je wilt alles voelen, proeven, ruiken, horen, zien en aanraken. Nu leef je echter in een cultuur waar het hoogste goed niet het ervaren van de zintuigen is, maar het beheersen van de zintuigen. Je moet leren jezelf te beheersen, je moet je nieuwsgierigheid bedwingen en je mag niet alles aanraken. Sterker nog, dat wat je het liefste aanraakt: andermans lichaam, mag het minst. Gelukkig heb je andere kinderen om mee te spelen. Het heeft al iets stiekems en onbestemds, dit uitleven van aanraken, spelen, stoeien en het verkennen van je eigen lichaam en dat van de ander, maar je bent nog steeds natuurlijk genoeg om het niet te kunnen laten. Je voelt je wellicht al vaag schuldig, maar je weet niet waarom. Dat zullen je ouders je later wel uitleggen, zeker als je katholiek bent.

Als je een jaar of tien bent raak je anderen al veel minder aan en word je zelf ook minder aangeraakt. Ook het genot van je mond is drastisch verminderd, want je bent vanaf het prille begin al getraind om niet te smakken, niet te likken, niet te schrokken en van alles behalve je eigen bordje af te blijven met je lippen en tong. Waarschijnlijk blijf je net als iedereen voor de rest van je leven oraal gefixeerd door het chronische gebrek aan bevrediging van je mond, lippen en tong.

Je huid, geslachtsdelen, vingertoppen en mond zijn tegen die tijd in een staat van chronische verwaarlozing en behoeftigheid gekomen, maar je hebt nog geen idee. Je gaat er nog steeds vanuit dat je ouders weten wat ze doen, dat de wereld klopt en dat het onbestemde verlangen dat je voelt, dat stille weten dat er iets ontbreekt, aan jou ligt. Als je al iets verzonnen hebt om je behoefte aan aanraking, sensatie of genot te bevredigen, dan doe je het stiekem. Je steelt koekjes uit de trommel als niemand kijkt, je masturbeert als je alleen op je kamer in bed ligt, of je fantaseert dat iemand je komt halen, iemand die wél van je houdt. Het kan ook zijn dat je jezelf pijn doet door jezelf te krabben, te bijten of te snijden, en de intensiteit van die sensatie je een klein beetje in contact brengt met waar je naar verlangt. Vechten met leeftijdsgenootjes of intens sporten kan ook een grote hulp zijn om je lichaam te voelen en lichaamscontact met anderen te hebben.

Dan kom je in de pubertijd. De groei van je hersenen en de explosie van hormonen zijn vergelijkbaar met die van je eerste levensjaren, en niets kan je levenshonger en verlangen stoppen, net als toen. Alleen: je bent in zekere zin gehandicapt. Je zintuigen zijn afgestompt door de chronische verwaarlozing in je kindertijd. Je bent genegeerd op momenten dat je schreeuwde om huidcontact, wat betekent dat de instrumenten die je nodig hebt om in deze fase inderdaad te vinden wat je zoekt, beschadigd zijn. Je zintuigen werken niet goed, je durft niet aan te raken, je bent je natuurlijke spontaniteit en zelfvertrouwen kwijt. Je bent bang voor afwijzing, al weet je niet meer waarom. Je wordt verliefd, een nieuwe poging van de natuur om je weer in contact te brengen met je zintuigen, met je vermogen om te genieten van de werkelijkheid in al haar dimensies. Maar je durft niet. Je bent zo bang om voor de tweede keer niet te krijgen wat je wilt dat deze tweede geboorte waarschijnlijk even traumatisch wordt als de eerste. Je verlangen naar genot veroorzaakt geen geluk, maar lijden.

‘Het hoort erbij’, zeggen je ouders dan. Vergeet het. Het is hun schuld. Als ze je genoeg hadden aangeraakt toen je klein was en je geen schaamte en schuld hadden bijgebracht rondom je natuurlijke gedrag, als ze je behoeftes hadden beantwoord inplaats van te luisteren naar Dr. Spock, de pastoor, hun ouders en andere idioten, had dit begin van je volwassenheid en je seksuele leven er heel anders uitgezien!

Maar de natuur is sterk, gelukkig maar. Immense oerkrachten roeren zich in je, je hormonen breken dwars door je barrières heen. Het lijkt wel alsof overal in je lichaam nieuwe sensoren groeien, en dat is ook zo. Het is een nieuwe kans! Je herinnert je hoe je je voelde als baby, zo levendig, zo wakker, zo intens betrokken bij het leven, en het voelt als een droom, als een vergeten paradijs.

Dit is het begin van je seksuele leven. Zo sta je ervoor. Hoe nu verder? Waarschijnlijk zal het proces van de eerste levensjaren zich herhalen, omdat je zo geconditioneerd bent. Je merkt dat er iets niet klopt, maar je weet niet wat. Je geniet niet zo van je eerste seksuele ervaringen als je zou verwachten, maar je weet niet waarom, en je schaamt je, want je denkt dat je de enige bent. Het meisje of de jongen met wie je bent gedraagt zich vreemd, wil misschien niet aangeraakt worden, voelt verkrampt of reageert raar op wat je doet, maakt ruzie om niks, en je snapt het niet. Je weet niet dat degene met wie je bent net zo beschadigd is als jijzelf. Je wordt afgewezen of je wijst af en het trauma van toen je als baby alleen werd gelaten herhaalt zich. Alleen begrijp je dat niet en het lijkt alsof nu voor het eerst je wereld instort, want die eerste keer heb je verdrongen. Voor de tweede keer besluit je: ‘Ik ben alleen’ of: ‘Dit is een klotewereld’, maar je denkt dat het voor de eerste keer is, en het is minstens even verpletterend als toen.

Maar toch wil je leven, en leven is voelbaar via je zintuigen. Dus richt je je wanhopig op die plekken waar je nog steeds iets waarneemt: je vingertoppen, je lippen, je tong en je geslachtsdelen. Als je met iemand vrijt stort je je met overgave op mond en geslachtsdelen, want daar heb je de meeste kans dat zowel jij als die ander iets voelen.

Aan de ene kant wijzen we onze seksuele organen af en raken we ze veel te weinig aan, waardoor ze hunkeren naar een liefdevolle, ontspannen, niet dwingende aanraking. Maar áls we ze dan aanraken, en helemaal als iemand anders ze aanraakt, gebeurt dat met zoveel honger, dwang, opwinding, anticipatie en spanning, dat ze als het ware overladen worden. Noch verwaarlozing, noch overstimulatie is goed voor het lichaam, en de numbness werkt nu twee kanten op: het beschermt het waardeloze gevoel van niet aangeraakt worden, en het beschermt het even waardeloze gevoel van niet op de juiste manier aangeraakt worden.

Deze fysieke numbness als reactie op zowel te weinig aanraking als overstimulatie zou je het gevoelspantser kunnen noemen. Je herkent het aan de afwezigheid van gevoel, van sensatie, van leven in je hele lichaam, en als je de liefde bedrijft met name in je genitaliën. Dat klinkt in eerste instantie vreemd, maar let eens op, de volgende keer dat je vrijt: wat voel je nu echt?

We hebben allemaal in meer of mindere mate een gevoelspantser. Het goede nieuws is dat de voortschrijdende numbness gestopt kan worden en dat je het tij kan keren naar een grotere gevoeligheid en ontvankelijkheid. Het is mogelijk om terug te keren tot die staat van vanzelfsprekend geluk, van openheid, van gevoeligheid, van onschuld, van gewoon natuurlijk zijn, waarmee je in de eerste plaats geboren werd. Hoe? Herstel het contact met je lichaam. Raak je lichaam meer aan, laat je meer aanraken, en leer om dit op de juiste manier te doen. Dat klinkt vrij eenvoudig in theorie. In de praktijk betekent het dat je een geheel nieuwe weg inslaat, waarbij je je in zekere zin ontworstelt aan het vernietigende effect dat de cultuur waarvan je deel uitmaakt op je heeft gehad tot nog toe. Het zal niet makkelijk zijn, maar het zal de meest betekenisvolle stap zijn die je tot nog toe in je leven hebt gezet.

De magie van de hersenen

Om deze stap te kunnen doen is het zinvol je lichaam beter te begrijpen, en met name de samenhang tussen seksuele energie en de ontwikkeling van je hersenen. De hersenen zijn magisch voor zowel de moderne wetenschap als voor de oude sjamanen. Niemand weet precies hoe ze werken, ze zijn complexer en intelligenter dan de meest geavanceerde computer en ze lijken voortdurend te veranderen.

Een vereenvoudigde weergave van de hersenen verdeelt haar in vier gebieden.

De hersenstam: De hersenstam wordt ook wel ‘de reptielhersenen’ genoemd – het is het oudste gedeelte van de hersenen, dat terug gaat tot de tijd waar de natuur zich ontwikkeld had tot het reptiel. Dit deel van de hersenen gaat over ‘de vijf V’s’: Voortplanten, Vechten, Vluchten, Verstarren, Voeden. Met andere woorden: dit deel van de hersenen gaat over overleven. Voor reptielen gaat het leven over niets anders dan eten en gegeten worden. ‘Eten’ is goed, ‘gegeten worden’ is slecht. Dat wat ze voorhanden hebben om hun overleven te waarborgen is de vijf V’s, en dat functioneert buitengewoon goed: nog steeds is er een wijde variëteit aan slangen, hagedissen en andere reptielen op aarde. De hersenstam is volledig ik-gericht, wat terugkomt in het gedrag van reptielen, die noch in staat zijn tot empathie, noch tot samenwerken. Reptielen zijn puur strategisch en zowel fysiek als emotioneel koud.

De kleine hersenen: Dit gedeelte van de hersenen ontstond toen zoogdieren zich ontwikkelden op aarde. Voor het eerst in de evolutie vormden dieren van dezelfde soort groepen, gingen ze samenwerken en ontstond er affectie tussen de verschillende individuen. Het leven werd een stuk complexer dan bij de reptielen en daarnaast ook speelser, intelligenter en aangenamer. Als wij mensen kijken naar de wereld van reptielen en de wereld van de zoogdieren voelen we ons ook het meest thuis bij de warme, sociale wereld van de zoogdieren, en minder bij de koude, kille wereld van de reptielen. De kleine hersenen zijn in principe Wij-gericht.

De grote hersenen: De grote hersenen zijn nog vrij nieuw in de evolutie – ze ontstonden toen de aap rechtop ging lopen en de communicatie tussen individuen vele malen complexer werd dan daarvoor. Het was in de tijd dat spraak en gezichtsuitdrukking middel van communicatie werd en waar een begin gemaakt werd met abstract denken: het benoemen van dingen in verleden en toekomst, het verbinden van die twee en het bedenken van plannen op grond daarvan.

De frontaalkwabben: Dit onderdeel van de grote hersenen is zo onbekend en ondoorgrondelijk dat we nog nauwelijks weten waar ze voor dienen. Ze refereren aan het vermogen van de mens om zich te verbinden met dat wat we het goddelijke noemen, het visionaire vermogen van de mens om zich dingen voor te stellen die niet met de zintuigen waargenomen kunnen worden, en om de werkelijkheid in haar volle omvang bewust te zijn.

Kortweg zou je de hersenen als verschillende lagen van bewustzijn kunnen indelen:

         Hersenstam: reptiel – ik (de vijf V’s)

         Kleine hersenen: zoogdier – wij als soort (emoties)

         Grote hersenen: mens – wij als meerdere soorten (gedachten)

         Frontaalkwabben: God – voorbij het ik (gewaarzijn)

In een natuurlijke samenleving ontwikkelt een mens in de eerste 28 jaar van zijn leven zowel de hersenstam: zijn vermogen om te overleven, als de kleine hersenen: zijn vermogen om te voelen, samen te werken en te genieten, als de grote hersenen: zijn vermogen om te denken en te communiceren, en de frontaalkwabben: zijn vermogen om de werkelijkheid als geheel te aanschouwen. Die ontwikkeling bereikt een zekere stabiliteit en kwaliteit rond het 28e levensjaar, maar stopt eigenlijk nooit.

In onze samenleving is deze ontwikkeling niet helemaal gelukt. Door het gebrek aan impulsen, de hoge mate van onveiligheid en de daaruit voortkomende spanning en verkramping krijgen de hersenen niet voldoende gelegenheid om zich op alle niveaus te ontwikkelen. Bij veel volwassenen functioneert alleen nog maar de hersenstam. Mogelijk verklaart dit het raadsel waarvoor de medische wetenschap staat: uit onderzoek blijkt dat we doorgaans minder dan tien procent van onze hersenen gebruiken.

Het feit dat in onze cultuur steeds meer mensen vanuit de hersenstam gaan leven en de rest van hun hersenen niet langer goed ontwikkelen is een devolutie: een omkering van de evolutie. Het heeft enorme gevolgen voor de samenleving. We gaan het leven steeds meer zien als een strijdtoneel, we vertrouwen andere mensen steeds minder en we constant gericht op overleven, op zelfbehoud. Daarnaast gedragen we ons steeds ik-gerichter – net als reptielen. We richten ons steeds meer op competitie en niet langer op samenwerking. We zijn steeds minder bereid om verantwoordelijkheid te nemen voor de zwakkeren in de samenleving en we vinden onze eigen behoeftes steeds belangrijker. In de jacht op alles wat ons diepgewortelde gevoel van angst en tekort moet compenseren worden we steeds gewetenlozer en zijn we steeds minder bereid om rekening te houden met anderen. Grappig in dit verband is de boodschap van David Icke, waarin hij ons waarschuwt dat de topbestuurders en machthebbers van deze wereld daadwerkelijk een mutatie zijn van mensen en reptielen, en dat deze wederom onder controle staan van een paar super-reptielen. Misschien heeft hij gelijk, maar het is ook mogelijk dat zijn geest zo beeldend is dat hij het gedrag van deze individuen vertaalt in het archetypische beeld van een reptiel.

De hechte band die we hebben met onze familie, onze partner, onze kinderen en de groep waar we deel van uitmaken, of dat nou ons werk, ras of onze religie is, valt uit elkaar en in plaats van dat we in staat zijn om goed te functioneren binnen groepen worden we steeds meer een gefragmenteerde groep individuen die elk voor zich een verbitterde strijd voert voor zijn eigen veiligheid en comfort. Geluk, liefde, vertrouwen en ontspanning zijn een soort van mythologische woorden geworden – ze verwijzen naar iets wat de meeste van ons alleen maar kennen van horen zeggen, uit boeken en uit films.

En ook als we seks hebben zijn we niet in staat om te ontspannen, de ander te vertrouwen of oprecht te geven en te ontvangen. Seks wordt steeds meer een kortstondige en eenzijdige actie van zelfbevrediging en levert zelden of nooit nog dat diepe gevoel van verbondenheid, juistheid of extase op waarvan we desalniettemin intuïtief weten dat het bestaat.

Daarom is het herstellen van het contact met het lichaam zo belangrijk. Ons lichaam heeft een enorm potentieel en herstellend vermogen, maar wij moeten het de kans geven dit potentieel aan te wenden, zodat het herstel ook daadwerkelijk plaatsvindt.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s