17 – Mono-cultivatie

Het proces van het terugkeren naar een natuurlijke verbinding tussen lichaam, ziel en geest, waarbij deze drie dimensies weer een team vormen, samenwerken en elkaar inspireren, waarbij ieder doet waar hij of zij goed in is, zou je het proces van éénwording kunnen noemen. Het één zijn van lichaam, ziel en geest is geen spirituele verworvenheid of de beloning die je toevalt na levens van afzien en hard werken, het is gewoon je natuurlijke staat. Maar gezien het feit dat we onderweg die natuurlijke staat ergens zijn kwijtgeraakt is het hervinden ervan toch een soort van taak die je ‘het lopen van een spiritueel pad’ kunt noemen. We hebben al eerder gezien dat sjamanisme, religie en zelfs wetenschap gebaseerd is op dit verlangen terug te keren naar onze natuurlijke staat.

Dit proces van éénwording, van opnieuw contact maken met het continuüm en je natuurlijkheid, is geen wilsbesluit. Integendeel, het kost tijd en je hebt er maar weinig controle over. Begrijpen gaat het snelst, de geest heeft qua snelheid doorgaans een voorsprong op ziel en lichaam. Eigen maken gaat een stuk langzamer, de ziel heeft meer tijd nodig om te verteren wat dit proces aan gevoelens en ervaringen oproept. Het uiteindelijk toepassen in je leven duurt absoluut het langst, maar dat is uiteindelijk het enige echte resultaat.

Met name mensen met een bovengemiddelde intelligentie hebben vaak het geduld niet om het proces te voltooien en blijven hangen in de geest. ‘Mentale verlichting’, noemde Alexander Smit dat. Osho noemde het ‘mindfucking’.

Je kunt dit proces van éénwording op drie verschillende punten starten: Bij het lichaam, bij de ziel of bij de geest. Het lichaam richt zich op doen, op oefeningen, op activiteit en fysieke en zintuiglijke ervaringen. De ziel richt zich op voelen, op verwerken en op therapeutische activiteiten. De geest richt zich op begrijpen, op leren en op het vergaren van kennis over dit proces. Er is geen juiste volgorde, dat wil zeggen: het maakt niet uit waar je begint. Begin bij wat het best bij je past. Ben je een fysiek aangelegd persoon, begin bij het lichaam. Ben je een gevoelsmens, begin bij de ziel. Ben je een denker, begin bij de geest. Maak het jezelf gemakkelijk, kies wat je het meest aanspreekt, waar je het meest zin in hebt, wat het goedkoopste is, wat je partner doet of wat toevallig op je pad komt. Of kies een methode die alle drie de dimensies benadert, zoals yoga, taoïsme of sjamanisme. Er is zoveel keus in de wereld op dit moment, alle tradities hebben hun poorten geopend en geven al hun geheimen prijs – geheimen die tot voor kort alleen toegankelijk waren voor enkelen. Hun heilige boeken en formules zijn in iedere boekhandel voor een paar euro te krijgen, nog nooit was het aanbod zo groot!

Alle grote religies en spirituele tradities die zich met dit proces van heel worden, bewust worden, terugkeren naar je natuurlijke staat, hoe je het ook noemen wilt, bezighouden, bieden een pad die alledrie de menselijke dimensies ondersteunen, op waarde schatten, waarderen en eren. Dit kenmerk is het kenmerk van een goede traditie zoals het oorspronkelijke taoïsme, het boeddhisme, het hindoeïsme en zelfs het christendom, in een lang vervlogen tijd. Bij de meeste tradities is dit kenmerk verdwenen – wij hebben dit vooral gemerkt bij de christenen die geprobeerd hebben de lichamelijke dimensie met wortel en al uit te roeien door haar te verketteren, maar ook bij andere tradities heeft men de meeste moeite met de lichamelijke dimensie, en dan met name: met seks.

Er was in de ontwikkeling van de mensheid een tijd dat gezondheid, geneeskunde, politiek, sociaal beleid, therapie, onderwijs en religie één ding was: sjamanisme. De sjamaan bezag de werkelijkheid als één geheel en had verstand van alle dimensies. De specialisering in onze moderne samenleving levert een versnippering van kennis op die de kloof tussen lichaam, ziel en geest steeds groter maakt. De specialist voelt zich alleen verantwoordelijk voor één deel van de werkelijkheid, terwijl de sjamaan de gehele werkelijkheid overziet en nooit een handeling zal verrichten die ten koste gaat van het geheel. Alle religies en spirituele stromingen hebben dezelfde bron: het sjamanisme. Het sjamanisme zag en ziet er over de hele wereld anders uit, maar ze hebben dezelfde uitgangspunten: een diep respect voor de natuur als raadgeefster, een besef van individuele verantwoordelijkheid en een diep gevoel van verbondenheid met alles wat leeft. Ook de drie-eenheid komt altijd terug bij het sjamanisme.

Dit besef, dat is waar we naar terug willen: het besef dat alles onderling samenhangt, dat het één het ander beïnvloedt en dat alles van elkaar afhankelijk is. Wanneer iets goed is voor het lichaam is het ook goed voor de ziel en de geest. Wanneer iets niet goed is voor het lichaam is het ook niet goed voor de ziel en de geest. En hetzelfde geldt voor dat wat goed, gezond, heilzaam, prettig of inspirerend is voor de ziel of de geest. Deze drie zijn onderling zo verbonden dat alles wat er in de ene dimensie gebeurt een direct gevolg heeft op de andere twee dimensies.

Wanneer zelfontwikkeling op louter één dimensie wordt gericht, terwijl de andere dimensies worden ontkend, genegeerd of domweg over het hoofd gezien, ontstaan vaak grappige en soms ronduit bizarre situaties.

Wanneer de aandacht teveel op alleen het lichaam wordt gericht krijg je trainingen en cursussen die louter gericht zijn op gezondheid, fysieke oefeningen en voeding. ‘Als je dit nou maar eet, als je die oefeningen nou maar doet, als je er maar voor zorgt dat je sterk, aantrekkelijk en supergezond wordt, dan komt alles goed.’ Het resultaat is een soort Popey, of Joey uit Friends. Vormen van tantra die louter gericht zijn op trucs, meer en betere orgasmes en ingewikkelde standjes en technieken vallen hieronder, maar ook alle andere trainingen die beweren dat bepaalde fysieke oefeningen of diëten een spirituele ontwikkeling garanderen. Ik ken mensen die twintig jaar lang iedere dag een uur yoga doen en een uur mediteren, om de dag naar de sportschool gaan, ieder jaar een marathon lopen en al twintig jaar macrobiotisch, veganistisch of biologisch-dynamisch eten en alleen maar onuitstaanbaarder zijn geworden.

Wanneer de aandacht teveel op de ziel gericht wordt krijg je trainingen en cursussen die louter gericht zijn op therapie: het losmaken, oproepen, doorleven en uiten van gevoelens uit heden, verleden en toekomst. Ook trainingen die gericht zijn op contact maken, sharen, elkaars geheimen en emoties delen en op het nabootsen van intimiteit en nabijheid door oefeningen waarbij je net doet alsof vreemden je beste vriend zijn, zijn typerend voor een obsessieve fascinatie voor de ziel. Het verslaafd zijn aan emoties zie je bij grote groepen mensen die dit soort trainingen volgen. Inplaats van emotionele balans en harmonie zoeken ze juist naar drama en intensiteit. Biodanza, bio-energetica en allerlei catharsis-therapiën vallen hieronder. ‘Groei-junkies’ heten dit soort mensen. Ze waaien met alle new age winden mee en volgen steeds weer andere trainingen en therapiën waar ze de intensiteit en intimiteit krijgen die ze in het echte leven niet durven aangaan. Ze blijven nergens lang genoeg om echt de diepte in te gaan, maar ze ontwikkelen een soort exhibitionistische emotionele openheid ten aanzien van vreemden die binnen bepaalde groepen de norm wordt. Wanneer je als buitenstaander ongemakkelijk reageert op het zoenen, omhelzen en huilen, of geen zin hebt om tijdens de pauze de intieme details te horen over het seksleven of het traumatische verleden van iemand die je nog nooit eerder gezien hebt word je meewarig aangekeken. ‘Je bent nog niet zo ver’, zeggen ze dan met een superieure blik, alsof hun grenzeloze emotionaliteit, opdringerigheid en emotionele exhibitionisme een spirituele verworvenheid is. Alle trainingen en cursussen die het hebben over ‘open je hart’ zijn verdacht. Waarschijnlijk vallen ze onder deze groep, waarbij zonder rekening te houden met persoonlijke grenzen of consequenties de intensiteit van de ziel wordt nagejaagd.

Wanneer de aandacht teveel gericht wordt op de geest krijg je ‘The Secret’- en NLP-achtige toestanden. ‘Denk jezelf rijk!’ De creatieve vermogens van de geest, die absoluut werkelijk zijn, worden tot een soort dogma verheven waarbij principes als: ‘Je creëert je eigen leven’ en: ‘Wat je denkt gebeurt’ op zijn best kleine successen oplevert en op zijn slechtst mensen oplevert die totaal voorbij gaan aan de noodzakelijke integratie van welke verandering dan ook in de ziel en in het lichaam en volkomen opgaan in hun egoïstische, onrealistische, veeleisende en utopische gedachten. Pretentie, ontkenning, arrogantie en superioriteitsgevoelens liggen op de loer.

Persoonlijk heb ik voor dit soort trainingen de grootste aversie. Enerzijds omdat ze me aan het nazisme doen denken, maar anderzijds omdat ze zo verleidelijk zijn in hun belofte van instant-bevrediging van welke behoefte dan ook. Het kind in mij wil nog in een speelgoedwinkel, snoep-paradijs of kermis wonen waar alles gratis is, en daarom spreekt dit idee me nog steeds aan. Ik vermoed dat de dertig maagden die de mannelijke moslims in het paradijs opwachten een dergelijke hoopvolle gedachte is.

Het woord ‘energie’ krijgt langzaam maar zeker meer dan een zweverige betekenis in onze samenleving. Nu ook wetenschappelijk ontdekt is dat zelfs materie in wezen energie is verandert onze perceptie van dit fenomeen. Om gezond te worden en te blijven heb je energie nodig. Het proces van ‘soulretrieval’, het pad van de ziel, de tweede dimensie, kost verhoudingsgewijs ongeveer tien keer zoveel energie. Om uiteindelijk je perceptie van de werkelijkheid te veranderen, dat wil zeggen: je geestelijk te ontwikkelen, kost nog eens tien keer zoveel energie.

Om te veranderen of te groeien heb je energie nodig. Waar komt die energie vandaan? Wij nemen energie op uit de lucht via onze ademhaling en uit het voedsel via ons spijsverteringsstelsel. Op meer subtiele niveaus nemen we via verschillende energiecentra in ons lichaam direct levenskracht op. Maar wat maakt dat we in staat zijn om dit te doen? Lucht en voedsel zijn buiten ons. Wat in ons lichaam maakt dat we het aan kunnen trekken en op kunnen nemen? Het antwoord op deze vraag is: seks.

Het is de seksuele energie in ons lichaam die in staat is om de energie uit het voedsel en de lucht op te nemen. Hoe minder seksuele energie, hoe minder we in staat zijn dit te doen, hoe rijk het voedsel en de lucht ook mogen zijn. Het feit dat we in een fysiek lichaam wonen dat uit seks is voortgekomen en gemaakt is om zich voort te planten heeft een continuüm gecreëerd dat maakt dat onze seksuele organen barsten van de energie.

Vanuit deze wetenschap is het bijzonder onverstandig om de seksuele energie in het lichaam te verwaarlozen. Alle grote tradities en religies die deze vergissing maakten zijn gesneuveld, omdat het onmogelijk is om ziel en geest te ontwikkelen wanneer er niet voldoende energie is. We hebben als Europeanen uit de twintigste eeuw de katholieke kerk van dichtbij zien sneuvelen en nog ruiken we de brandstapels uit de middeleeuwen, maar de katholieken waren niet de enige – al waren ze misschien wel de ergste.

Wanneer de seksuele organen en het fysieke lichaam niet gezond en vitaal gehouden worden zodat de seksuele energie overvloedig beschikbaar is, ontstaan er bij de intensieve processen van ziel en geest enorme energietekorten waardoor het lichaam vroegtijdig aftakelt en sterft. Dit is geen martelaarschap, dit is stupiditeit. Alle grote tradities hebben dan ook duidelijke aanwijzingen, instructies en richtlijnen wat betreft het gezond en vitaal houden van het lichaam en met name de seksuele organen. Ook de katholieke kerk bezit deze kennis, maar om onduidelijke redenen is deze kennis op een gegeven moment in de geschiedenis verborgen in stoffige bibliotheken en werd ze de monnikken en priesters onthouden, met catastrofale gevolgen.

In tegenstelling tot de katholieke kerk is het in acht nemen van het lichaam en de gezondheid met behulp van dieet, oefeningen en levensstijl bij andere tradities nog volop levend. Het boeddhisme en het hindoeïsme uit met name India en Tibet heeft uitgebreide richtlijnen die wij in het westen kennen onder de naam yoga of tantra. Ook bij het taoïsme uit China zie je het belang van wat zij noemen ‘het transformeren van de seksuele energie’.

Eerder zei ik: ‘Het maakt niet uit waar je begint’, en dat onderschrijf ik nog steeds. Maar het is wel zo dat ik behalve de historische feiten ook in mijn eigen kleine leven de meeste mensen die een spiritueel pad liepen uiteindelijk ten onder heb zien gaan aan gapende energietekorten, die veroorzaakt werden omdat ze hun lichaam verwaarloosden. En zo gauw ze hun lichaam verwaarloosden raakten ze het contact met de werkelijkheid en met zichzelf kwijt. Mijn leraar had hier een simpele oplossing voor. Zijn stelregel was: ‘Wanneer het ten koste gaat van mijn lichamelijke gezondheid doe ik het niet.’ Bewust van het feit dat zielereizen, therapie, emotioneel lichaamswerk, opstellingen en rituelen, allemaal activiteiten van de ziel en de geest, ongelooflijk veel energie kosten, deed hij dit zeer weinig, en alleen als hij blaakte van gezondheid en vitaliteit. Zijn verhouding van werken aan zijn fysieke gezondheid, zijn zieleheil en zijn geestelijke ontwikkeling was respectievelijk 100:10:1. Zo waarborgde hij de echtheid van zijn pad en hield hij zich ver buiten de conceptuele werkelijkheid en de zinsbegoocheling van een zielereis of geestelijke openbaring die of niet echt was of die hij geen plek kon geven. Veel mensen zijn verslaafd aan de intensiteit van het werken met de ziel en aan de grandeur van het werken met de geest. Rennend van de ene naar de andere cursus, initiaties en nieuwe namen verzamelend van dan weer die traditie en dan weer die guru, en ondertussen gebeurt er niets. Deze mensen zouden het best af zijn wanneer ze hun spirituele pad zouden beperken tot het werken in de tuin of desnoods de sportschool.

Wanneer je jezelf als een piramide ziet en je die piramide horizontaal in drie gelijke delen deelt krijg je een zeer brede onderkant, een aanzienlijk smaller middenstuk en een relatief zeer kleine bovenkant, de top van de piramide. Zo ziet een degelijke training eruit: veel aandacht voor het lichaam, zodat dit een stevig, realistisch en aards fundament vormt voor de tweede dimensie: het zielewerk. En deze twee kunnen dan het geestelijke werk ondersteunen. Zo draagt het lichaam zowel de ontwikkeling van de ziel als van de geest en maak je de meeste kans op een duurzaam, gedegen, realistisch en veilig proces waarbij je niet vroegtijdig het loodje legt.

De moderne medische wetenschap is gebaseerd op de misvatting dat het lichaam een dom en onbetrouwbaar ding is dat door middel van ingrijpen van buitenaf gerepareerd moet worden wanneer het stuk is. Wanneer het lichaam reageert op de huidige onnatuurlijke omstandigheden, waarin het gedwongen wordt te functioneren zo goed en kwaad als het kan, worden de signalen die het geeft opgevat als een falen van het lichaam. Het tegenovergestelde is waar. Wanneer het lichaam signalen geeft van pijn, spanning, koorts of ziekte is dat een intelligente boodschap van het lichaam. De pijn, spanning, koorts of ziekte zijn ALTIJD een poging van het lichaam om de balans te herstellen en de gezondheid te waarborgen. Vergeet niet dat het lichaam hier vijf miljard jaar ervaring mee heeft, veel meer dan de paar honderd jaar die de moderne wetenschap nodig heeft gehad om haar aan alle kanten rammelende systeem van het waarborgen van de gezondheid en het welbevinden te ontwikkelen.

Als een baby huilt is er niets mis met de baby maar vraagt ze om een adequate respons van de omgeving. Wanneer die respons uitblijft en de baby harder gaat huilen is er niets mis met de baby, maar is er iets mis met de omgeving. Als je lichaam pijn doet is er niets mis met het lichaam, maar reageert het lichaam op de omgeving. Pijn is een manier om te waarschuwen en geeft aan dat het lichaam bezig is, geheel op eigen initiatief, om de balans in het lichaam te herstellen. Brandend maagzuur wil zeggen dat je iets verkeerd gegeten hebt, niet dat er iets mis is met je maag. Een pil nemen om de branderigheid te onderdrukken zodat je door kunt gaan met het eten van verkeerde voeding is het stomste wat je kunt doen, net zoals het onderdrukken van koorts, diarree, hoofdpijn of andere reacties van het lichaam op de input van buitenaf geen goed idee is.

In tegenstelling tot de algemene opvatting kun je ervan uitgaan dat ieder signaal van je lichaam voortkomt uit de weergaloze intelligentie van waaruit ze is voortgekomen. Die signalen vragen je om te luisteren, om na te denken en om een poging te doen de oorzaak van welk symptoom of signaal dan ook te achterhalen en zo nodig en indien mogelijk te herstellen. Het kortzichtige oordeel dat er iets mis is met je lichaam is niet waar en dient louter de instanties die hun winst baseren op deze misvatting en hun best doen om dit volkomen misplaatste idee van een lichaam dat na vijf miljard jaar nog steeds niet weet hoe je moet overleven, eten, baren of seks hebben in je hoofd te planten.

Wanneer je impotent bent betekent dat niet dat er iets mis is met je lichaam of dat je Viagra of andere chemische middelen nodig hebt om een erectie te forceren. De intelligentie van het lichaam waarborgt een goede reden voor je impotentie en afhankelijk van je eigen intelligentie ben je al dan niet in staat om die reden te achterhalen. Deze kan fysiek zijn en hangt in dat geval vrijwel altijd samen met uitputting van de nieren, voortkomend uit een leven met teveel stress en teveel zaadlozingen. Ze kan ook emotioneel zijn en in dat geval voortkomen uit een verkeerde partnerkeuze, een verkeerde timing of dieperliggende trauma’s en de daaruit voortkomende angst en onzekerheden.

Wanneer je vaginistisch bent betekent dat niet dat er iets mis is met je lichaam. De weigering van je vagina om een penis of wat dan ook binnen te laten berust op de diepe intelligentie van het lichaam en je kunt er zeker van zijn dat er een goede reden voor is. De fysieke oorzaak, de verkramping van de kringspieren van de vagina, is meestal gebaseerd op angst. De emotionele oorzaak hangt hiermee samen: de angst voor grensoverschrijding, geweld, fysieke pijn danwel emotionele pijn maken dat het lichaam het heft in eigen handen neemt: geen penetratie totdat er geen reden voor angst meer is.

Het genezen van bovengenoemde en alle andere fysieke klachten vraagt om een omkering van de algemene norm. Wanneer het lichaam gezien wordt als een uiterst intelligent en verfijnd instrument, waarbij alle geluiden, signalen en symptomen een diepe wijsheid en betekenis in zich hebben, is het niet langer nodig tegen het lichaam te vechten of het lichaam af te wijzen en haar natuurlijke gedrag te veroordelen en te verwerpen als onhandig, primitief of zelfs slecht. Vanaf dat beruchte moment in de evolutie waarbij de mens zelf ging denken en op de één of andere manier onafhankelijk wilde worden van haar habitat en oorsprong hebben we allerlei concepten bedacht en aangehangen waarmee we het continuüm te lijf gingen en probeerden te beheersen en te veranderen. Nog steeds is dit gevecht in volle gang en collectief lijkt er weinig aan te doen. Maar individueel kan ieder mens voor zichzelf de beslissing nemen om weer op zoek te gaan naar de inherente intelligentie van het lichaam, en langzaam maar zeker weer contact te maken met het vertrouwen dat daaruit voortkomt.

Leven vanuit vertrouwen in je lichaam en haar behoeftes, verlangens, signalen en aanwijzingen is zoveel beter dan leven vanuit de angst dat je lichaam slecht is, zomaar kapot gaat of onhandig, dom en nutteloos is. Vanuit dit vertrouwen zijn de signalen van je lichaam richtingaanwijzers die je helpen om de juiste stappen te doen en beslissingen te nemen die je dichter bij je natuurlijke staat en je aangeboren gevoel van welbevinden, juistheid en contact brengen dat wat dan ook. Je lichaam wordt dan je heelmeester en leraar, en je kunt al je zelfhulpboeken vanaf dat moment gaan gebruiken als aanmaakhout of onderzetter. Overigens zijn vooral de dikke boeken heel geschikt om te leren hurken. Hurken is een bijzonder goede positie om de bekkenbodem te trainen, de doorbloeding in de heupen en de seksuele organen te bevorderen en zowel heupen als benen soepeler te maken. Wanneer het moeilijk is om je voeten plat op de grond te zetten terwijl je hurkt is het lastig om je balans te bewaren. Wanneer je nou onder iedere hiel een dik boek legt kun je wel rustig hurken, net als wanneer je hurkt met hoge hakken aan – ook een goede optie! Gaandeweg kun je dan dunnere boeken nemen, tot je wellicht op een dag boekloos kunt hurken.

Als mens ben je altijd in ontwikkeling. Je evolueert of je devalueert, er is geen andere keus. Je wordt gezonder of je takelt af, je ontwikkelt je je gaat achteruit. Wat dit betreft is er geen amorf gebied, geen ‘en-en situatie’, net als dat je niet een beetje zwanger of een beetje dood kunt zijn. Je gaat voor- of achteruit in het leven. De keus is aan jou. Iedere seconde telt.

Ons bewustzijn bestaat uit een bonte mengeling van gevoelens van onveiligheid, verwarring, wanhoop, eenzaamheid, pijn, overlevingsstrategiën, ontkenning en numbness, en dwars daardoorheen nog altijd de verwachtingen en verlangens van wie we werkelijk zijn. Dat is de kracht van het continuumprincipe: het maakt niet uit hoe verschrikkelijk de situatie is, hoe hopeloos het eruitziet, de wens tot leven die in iedere cel van ons lichaam zit maakt dat we het nooit echt opgeven. Bijna nooit, moet ik zeggen, want wanneer iemand zelfmoord pleegt geeft hij of zij wel op. En er zijn in de geschiedenis situaties geweest waarbij grote groepen het opgaven – aan het einde van de Holocaust zag je bijvoorbeeld dat veel overlevenden van de concentratiekampen hun wil om te leven hadden verloren. Ze hadden teveel gezien, teveel geleden en teveel meegemaakt. Ze reageerden niet langer op aanraking of hulp, ze wilden niet eten en stierven na de bevrijding alsnog. Zo zijn er vrouwen die zo systematisch vernederd en verkracht zijn dat de wil tot leven voorgoed tot zwijgen is gebracht, en zijn er kinderen die de verwaarlozing en het misbruik uit hun jeugd nooit te boven komen. Dat er binnen onze samenleving mensen zijn die soms al op jonge leeftijd ervoor kiezen hun leven te beëindigen illustreert dat er op fundamenteel niveau iets mis is met deze samenleving.

We zijn allemaal zowel in onszelf als met elkaar verwikkeld in het gevecht tussen onze neiging ons aan te passen enerzijds en ons verlangen onze natuurlijke behoeftes en verlangens te volgen anderzijds. Zolang je dit gevecht niet bewust bent ga je als een soort jojo heen en weer tussen deze twee en ben je een pingpongbal van de omstandigheden. Onze neiging ons aan te passen kan zo ver gaan dat het leidt tot zelfdestructie of zelfs destructie van de groep. Als we uit angst om verstoten te worden uit de groep bijvoorbeeld akkoord gaan met het verraden, martelen of zelfs doden van leden uit diezelfde groep, gaat het de verkeerde kant op. Als we uit angst om verstoten te worden akkoord gaan met het vertonen van gedrag die funest is voor onze gezondheid of ons welbevinden gaan we daar vroeg of laat aan dood. Dit is geen hypothetisch probleem, maar de grimmige werkelijkheid. Onze aangeborgen volgzaamheid kan leiden tot enorme problemen wanneer we de verkeerde leider volgen, of wanneer we aanvaarden gedrag te vertonen dat destructief is voor onszelf of voor anderen. Dat dit inderdaad zo is zie je terug in alle facetten van de samenleving, alsmede bij seksualiteit.

Een eerste stap in bovengenoemd proces is de bewustwording van dit innerlijke gevecht en de erkenning van de problematische toestand waarin we als samenleving als geheel en als individu verkeren. Daarmee geef je jezelf een realistisch startpunt, waarbij je niet langer de schijn hoeft op te houden hoe goed het wel niet met je gaat. De erkenning van de situatie zoals hij is kan een enorm gevoel van opluchting geven. Barry Long schrijft in zijn boek over seks: ‘Je moet erkennen dat je seksleven niet goed genoeg is. Als het goed genoeg was, zou je dit boek niet lezen. Het is niet genoeg wanneer je het alleen maar denkt, je moet het hardop zeggen, zodat je het jezelf hoort zeggen en je niet later kunt zeggen dat het allemaal wel meevalt. Zeg het nu, zeg het hardop: ‘Mijn seksleven is niet goed genoeg!’ Ik luisterde destijds naar zijn verhaal over seks op tape, in 1990, samen met mijn toenmalige echtgenoot. We keken elkaar aan en aarzelden. Er waren drie seconden stilte op de tape, en toen ging Barry verder met zijn tekst, maar wij hadden nog niets gezegd. Ik drukte op de pauze-knop en zei luid en duidelijk: ‘Mijn seksleven is niet goed genoeg!’ Ik keek mijn man verwachtingsvol aan en hij zei: ‘Mijn seksleven is niet goed genoeg.’ Vervolgens kregen we allebei de slappe lach, zo absurd klonk het. Maar Barry had wel gelijk, dat moment waarbij we allebei hardop de waarheid zeiden maakte zo’n indruk dat ik het me nu nog helder voor de geest kan halen.

Hoe is je seksleven?

In de jaren negentig gaf Barry Long regelmatig seminars in Europa. Er waren nooit veel mensen, hoogstens een paar honderd. Barry Long had niet bepaald zijn uiterlijk mee, het was een klein, lelijk mannetje met maar weinig goeroe-charisma. Hij had wel een prachtige stem. Zijn leer was volkomen anders als wat wij, spirituele zoekers uit de nineties, kenden van indiase goeroes als Osho, Krishnamurti en Sai Baba. Barry Long kwam uit Engeland en had geen goed woord over voor die goeroes uit het Oosten. ‘Ik ben de goeroe van het Westen!’, riep hij. ‘Die goeroes uit het Oosten kennen jullie westerse geest niet, maar ik wel!’ Hij had ook geen goed woord over voor ons. ‘Jullie zijn helemaal niet bijzonder’, placht hij te zeggen, ‘jullie proberen gewoon je verantwoordelijkheid te ontlopen.’ Hij foeterde, schreeuwde, wees met zijn wijsvinger naar het publiek en stak zijn irritatie over de idiote vragen die hij kreeg niet onder stoelen en banken. Wanneer iemand vroeg: ‘Wat is verlichting?’ was zijn wedervraag: ‘Hoe is je seksleven?’ Wanneer iemand vroeg: ‘Wat is de zin van mijn leven?’ was zijn wedervraag: ‘Hoe is je seksleven?’ Wanneer iemand vroeg: ‘Hoe kan ik een beter mens worden?’ was zijn vraag: ‘Hoe is je seksleven?’ Als iemand dan zweeg, in verwarring en beschaamd, vroeg hij: ‘Is je vrouw er ook?’ Wanneer dat zo was vroeg hij aan de vrouw van de vraagsteller: ‘Hoe is jullie seksleven?’ Het was een radicale en wellicht onvriendelijke manier om het focus te verleggen van de geest naar het lichaam. Als geen ander wist Long dat veel mensen die daar zaten op mentaal niveau verlichting nastreefden maar dat deden op de verkeerde manier: door de geest af te scheiden van de ziel en het lichaam. Uiteraard leverde zijn wedervraag altijd weer opnieuw hilariteit op, en wanneer de vraagsteller of zijn vrouw de moed hadden om eerlijk te antwoorden leverde dat een opleving in de zaal op. Iedereen was ineens wakker was, ging op het puntje van zijn stoel zitten en draaide zijn hoofd in een poging te zien wie de vraagsteller was. ‘Nou..’, zei deze, ‘nu je het zegt…’ en iedereen lachte in herkenning en anticipatie. ‘Mijn vrouw en ik hebben al drie jaar geen seks meer.’ Wanneer de vraagsteller dacht slimmer te zijn dan Barry en antwoordde: ‘Mijn seksleven is prima’, zei deze: ‘Is je vrouw er ook?’ en stelde dezelfde vraag aan haar. Wanneer deze dan antwoordde: ‘Nou…’ kwam het publiek niet meer bij.

Barry Long had gelijk met zijn opvatting dat veel zogenaamde spiritualiteit voortkomt uit seksuele onvrede. De kloof die ontstaan is tussen God en seks, tussen het verlangen naar eenwording met God, het vinden van je oorsprong enerzijds en het hebben van goede seks en het verlangen naar echt contact met je partner anderzijds, tussen het lichaam en de geest, maakt veel spiritualiteit tot een farce, een kunstmatige vervanging en onnodige complicatie van de eenvoudige en simpele verlangens van het lichaam en de ziel. Op geheel eigen wijze wist hij deze kloof te overbruggen door feilloos iedere pretentie te ontmaskeren en iedere vraag tot de kern terug te brengen. En meestal was de kern seks. Seks was voor Barry Long de aangewezen manier om dichter bij God te komen, om dichter bij de werkelijkheid, het hier en nu te komen, en hij gaf onmiskenbare, duidelijke aanwijzingen over hoe de seksuele daad gedaan diende te worden.

Seksuele relaties zijn zowel een bron van plezier, genot en zingeving als een bron van ellende, moeilijkheden en crisissen. Wanneer je terugkijkt op je relationele leven zul je wellicht tot de ontdekking komen dat je seksuele relaties in de loop van je leven een groot deel van je aandacht, tijd en energie hebben opgeslokt. Waarschijnlijk was het het waard en zou je het niet anders doen wanneer je de kans kreeg het over te doen. Of wel? Hoe dan ook: wanneer je op een punt aangekomen bent dat je de behoefte voelt om anders met je seksualiteit om te gaan dan je tot nu toe hebt gedaan, is een zinvolle stap om een tijdje celibatair te worden. Een celibataire periode biedt de rust om weer bij jezelf te komen, je seksuele verleden op een rijtje te zetten en je los te maken van de seksuele partners die je tot nog toe hebt gehad. De energie, tijd en aandacht die je wellicht jarenlang besteed hebt aan je relaties maak je nu vrij om te besteden aan andere dingen. Je kunt deze periode gebruiken om uit te rusten, om schoon te worden, zowel lichamelijk als energetisch, om ervaringen uit het verleden te verwerken en losse eindjes af te maken en om te bedenken hoe je nu verder wilt. Een periode van onthouding is het equivalent van het groepslid die niet of niet langer als taak heeft om zich voort te planten of voor de kinderen te zorgen, maar die de tijd en ruimte krijgt om andere taken op zich te nemen. Het is het equivalent van een retraite waarin je de tijd neemt om jezelf te vragen: ‘Waar heb ik behoefte aan? Ben ik tevreden met mijn seksleven tot nog toe? Wat zou ik willen veranderen?’ Het is het equivalent van vasten, waarbij het tijdelijk niet tot je nemen van voedsel je lichaam aanzet om grote schoonmaak te houden, afvalstoffen op te ruimen en achterstallig onderhoud te doen. Het achterstallig onderhoud van een celibataire periode betreft niet alleen het lichaam, maar ook de ziel en de geest. Het kan een periode zijn van opladen, van contact maken en zorgen voor je eigen lichaam zonder dat je deze hoeft te delen of rekening hoeft te houden met een ander, van het contact maken met je diepste persoonlijke verlangens en wensen en met het ontwikkelen van inzicht in wie je zelf bent.

Met name wanneer je een turbulente seksuele periode achter de rug hebt met veel verschillende seksuele partners, een langdurig onbevredigende of moeilijke relatie, een partner die vreemdging, een relatie waarin je ongelukkig was, een relationele breuk die je hart gebroken heeft, een miskraam, abortus, ongewenste kinderen of kinderloosheid of andere seksuele problemen, kan een celibataire periode je helpen om een punt te zetten achter deze periode en een nieuw begin te maken. Maar ook wanneer je in een relatie zit waar de seks routine is geworden of waarbij je zo in de knoop zit dat je geen van tweeën licht aan het eind van de tunnel ziet is een celibataire periode een manier om de relatie zelf nieuw leven in te blazen. We zijn het ons vaak niet bewust, maar juist onze seksuele relaties kunnen op zielsniveau diepe wonden veroorzaken. Wanneer een dier in een gevecht wonden oploopt trekt hij zich terug, verbergt hij zich op een stil plekje in de natuur waar hij niet gestoord wordt om zijn wonden te likken. Hij stopt met eten, jagen en andere activiteiten, hij verkiest instinctief de stilte en de rust, soms voor dagen achtereen, om te genezen. Een celibataire periode kan dezelfde heilzame werking hebben. We raken allemaal beschadigd op het slagveld van de liefde, en het getuigt van zelfrespect en eigenliefde om daar minstens één keer in je leven eens uit te stappen en de tijd te nemen voor recapitulatie.

Een celibataire periode moet minimaal 28 dagen, één maancyclus, duren om enig effect te hebben. Beter nog is negen maanden, de tijd die het lichaam nodig heeft om een kind te maken. Negen maanden is een periode die overzichtelijk genoeg is om niet in paniek te raken, maar die lang genoeg is om echt een verandering te bewerkstelligen in je seksleven.

Wij mensen leren door middel van herhaling. Door middel van het steeds maar weer herhalen van een bepaalde handeling of gedachte slijpen we deze als het ware in in onze hersenen. De groef of het patroon dat op deze wijze ontstaat in de hersenen maakt dat de hersenen ontvankelijk worden voor deze handeling en gedachte en ze op den duur deel uit gaat maken van onze werkelijkheid. Zo leren we fietsen en zo ontwikkelen we onze opvattingen.

Toen mijn zoon zes jaar was kwam hij naar me toe en zei: ‘Mamma, jij en pappa hebben het verpest.’ ‘Wat hebben wij verpest?’, vroeg ik. ‘Mij’, zei hij. ‘Jullie hadden me in een lege kamer moeten laten waar ik alleen kon zijn.’ Ik begreep het niet. ‘Waarom zou dat beter geweest zijn?’, vroeg ik. ‘Omdat jullie en iedereen mij alles verteld hebben wat ik nu geloof’, zei hij met een stuurs zesjarige gezichtje, omkranst door blonde krulletjes, ‘en omdat ik zo klein was geloofde ik alles. En nu weet ik niet wat ik zelf geloof, want daar had ik alleen achter kunnen komen als jullie me alleen hadden gelaten.’ Ik dacht na en was onder de indruk van de intelligentie van mijn zoon. ‘Je hebt gelijk schat’, zei ik, ‘maar ik denk toch dat het zo hoort, want ik denk dat je erg ongelukkig was geworden als pappa en ik je alleen in een lege kamer hadden laten opgroeien. Misschien is het wel de bedoeling dat je ondanks wat alle andere mensen je vertellen erachter komt wat je zelf gelooft. En wat je nu zegt, geloof je dat echt?’ Hij dacht even na en zei toen met een ernstig gezicht: ‘Ja, dat weet ik.’ ‘Nou, dan kun je het al’, zei ik. ‘Wat?’, vroeg hij. ‘Zelf denken!’ Even keek hij me verward aan en toen gleed er een stralende glimlach over zijn gezicht. ‘Ja’, zei hij, ‘ik kan het al!’ Daarmee was het gesprek afgelopen, hij was tevreden. Hij greep een appel van de keukentafel, rende naar buiten, pakte zijn houten geweer dat ergens in de tuin lag en ging met zijn vriendjes oorlogje spelen.

Het besef dat onze gedachtenpatronen niet de waarheid zijn, maar louter de echo van groeven die we in onze hersenen geprent hebben door ervaring en door wat ons verteld is, is een waardevol gegeven. Deze gedachtenpatronen hebben we nodig om te kunnen fietsen, koken en communiceren, maar tegelijkertijd kunnen ze ons beperken wanneer ze niet of niet langer toereikend zijn voor wat er op dat moment van ons verwacht wordt of waar op dat moment ons verlangen naar uitgaat. Het automatisme waarmee we dankzij onze patronen reageren op impulsen van buitenaf heeft net als alles dus twee kanten.

Onze hersenen zijn het meest kneedbaar als we nog klein zijn. De inprentingen die we in de eerste jaren van ons leven opdoen gaan dieper dan alles wat daarna komt. Via de relatie die we hebben met onze ouders, broertjes en zusjes, ervan uitgaande dat we de eerste jaren van ons leven met name met hen doorbrengen, leren we ons verhouden tot andere mensen. Wanneer we in de pubertijd komen en ons seksuele leven begint zijn het die patronen waarop we voortborduren. Vaak zoeken we seksuele partners die op onze ouders lijken of die voldoen aan de verwachtingen die we via onze vroege kindervaringen opgedaan hebben. Als we een moeder hadden die depressief was en voortdurend beslag op ons legde zoeken we een partner die net zo veeleisend en ontevreden is. Als we een vader hadden die afwezig was, iets wat door de tegenwoordige constructie van de samenleving vaker wel dan niet voorkwam, zoeken we een partner die op de één of andere manier ook vaak aanwezig is. Wanneer onze partners níet voldoen aan de onbewuste verwachtingen die we via onze ouders hebben, zien we dat vaak niet eens, en verwijten we onze partners veeleisendheid of afwezigheid die we in onze geconditioneerdheid projecteren op onze partners inplaats van dat het waar is.  Het herhalen en bevestigen van patronen geeft een veilig gevoel, en vaak is het dat gevoel wat we verwarren met liefde. ‘Ja maar ik hou van hem’ betekent dan: ‘Hij bevestigt me in mijn werkelijkheidsbeeld.’ De kwaliteit of inhoud van het patroon doet er in wezen niet toe, de herhalingsdwang is louter gericht op herhaling – de naam zegt het al.

Het leuke is dat je, wanneer je als kind niet seksueel misbruikt bent, bij je eerste seksuele ervaring een nieuwe kans krijgt. Deze gloednieuwe ervaring opent en programmeert een heel nieuw gebied in je hersenen, als een onontgonnen akker, klaar om je ervaringen in op te slaan. Daarentegen triggert de aanraking, de intimiteit en de verbinding wel oude patronen uit je kindertijd, maar uit die geheel nieuwe situatie waar de seksualiteit een extra dimensie toevoegt, ontstaan weer geheel nieuwe patronen. Hetzelfde geldt echter voor deze patronen als voor alle patronen: ze hebben de neiging zich te herhalen. En wat mijn zoon al zei: het zou beter zijn wanneer we volkomen onbevangen deze seksuele dimensie konden betreden, zodat we zonder inmenging of vertroebeling van buitenaf onze natuurlijke seksualiteit konden ervaren en exploreren. In plaats daarvan hebben we zelfs als we nog maagd zijn een heel scala aan beelden, indrukken en ideeën ten aanzien van seks die we via de media, school en al dan niet gewenste informatie van anderen tot ons genomen hebben. We zijn dus niet geheel onbevangen, en vaak is onze eerste seksuele ervaring meer gekleurd door de conditioneringen die we hebben dan door de pure ervaring van dat moment.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s